1914-1918

1914-1918: Overleven tijdens de oorlog

Wanneer de oorlog uitbreekt in 1914 stijgt de vraagt naar gecondenseerde melk en chocolade, maar een tekort aan grondstoffen en de beperkingen op grensoverschrijdende handel belemmeren de productie van Nestlé & Anglo-Swiss. Om dit probleem op te lossen verkrijgt het bedrijf productiefaciliteiten in de Verenigde Staten en Australië. Tegen het einde van de oorlog zijn er 40 fabrieken.

1914

 

De oorlog breekt uit in Europa en verstoort de productie van het bedrijf, maar anderzijds stimuleren de vijandigheden de vraag naar Nestlé zuivelproducten, in de vorm van grote overheidscontracten.

1915

 

Gecondenseerde melk gaat lang mee en is gemakkelijk te transporteren, waardoor het populair is bij het leger. In 1915 bijvoorbeeld begint het Britse leger melk in blik van Nestlé als noodrantsoen uit te delen aan de soldaten. De hoge vraag naar het product betekent dat de melkraffinaderijen van het bedrijf op volle toeren draaien.

1916

 

Nestlé & Anglo-Swiss neemt de Noorse zuivelonderneming Egron over, die een patent heeft op het droogspuitingsproces om melkpoeder te produceren – het product dat de nieuwe eigenaar begint te verkopen.

1917-1918

 

Door melktekorten in Zwitserland moet Nestlé & Anglo-Swiss verse melkvoorziening verzekeren om de mensen in dorpen en steden te helpen. Om aan de vraag naar gecondenseerde melk vanuit oorlogslanden te kunnen voldoen koopt het bedrijf Amerikaanse raffinaderijen en tekent het leveringsovereenkomsten met Australische bedrijven, die ze later zullen overnemen.